// Blog Hilde de Visser. Het belang van een secundair verband bij oncologische wonden en ulcera

Er is een grote keuze aan wondverzorgingsproducten  op de markt. De ene nog geavanceerder dan de andere. Termen als: ‘handhaaft of creëert een vochtig milieu, hoge absorptie, niet verklevend, biologisch afbreekbaar, zorgt voor een pijnloze behandeling’ worden genoemd. Toch wordt er nog met enige regelmaat gezien dat het verband niet voldoet aan de verwachting van de patiënt.

Veelvuldig afplakken op dezelfde plek geeft bijvoorbeeld huidirritatie of -beschadiging. Er is lekkage op de omliggende huid, of er is vaker een verbandwissel nodig dan wordt gehoopt. Dit geeft ongemak en zorgt vaak ook voor meer afhankelijkheid. Ook schuifkrachten op een kwetsbaar gebied van een oncologische wond of ulcus kan dan voor problemen zorgen.

Wondzorg bij oncologische wonden en ulcera is vaak voor een langere termijn nodig. Doelen als comfort bieden, geur bestrijden en exsudaat absorberen worden hierbij vaak opgesteld. Niet alleen aanpassingen aan het primaire verband zijn hierbij van belang, het wisselen van een secundaire verband geeft ook meer mogelijkheden. Er zit namelijk een grote diversiteit in de zachtheid en vormbaarheid van de verschillende merken van de verbanden. Een absorberend verband wat goed absorbeert maar stug is, is op veel lichaamsdelen niet prettig te dragen. Daarnaast behoeft dit type wond vaak extra aandacht voor het huidgebied eromheen. Deze kan extra kwetsbaar of gevoelig zijn door eerdere behandelingen of aanvullende therapieën. Denk hierbij aan radiotherapie of littekens in dit gebied. Het kan dus zinvol zijn om grotere secundaire verbanden te gebruiken zodat niet direct de omliggende huid aangedaan wordt om te fixeren. Kritisch zijn op het type fixatiemateriaal valt daarbij ook aan te raden. Is het echt nodig om alle randen hermetisch af te plakken? En dat dit iedere dag op de zelfde plek geplakt wordt?

Gelukkig is er tegenwoordig keuze in diversiteit van afplakmateriaal. Maar fixeren zonder de huid te kwetsen met enige vorm van pleisters kan aangeraden worden. Creativiteit met buisverbanden en fixatiebroekjes geven goede mogelijkheden. Ook hierbij kan het aangeraden worden om een grotere maat secundair verband te gebruiken om schuifkrachten te verminderen.

Eén ding is duidelijk, iedere wond behoeft een passend wondplan waarbij wondzorg op maat wordt gegeven. Uitdaging en creativiteit binnen de standaarden wordt hierbij van de professional gevraagd.

Ga jij als professional de uitdaging aan en durf jij kritisch en creatief te zijn?

Hilde de Visser, wondverpleegkundige Erasmus MC Rotterdam en lid WCS commissie oncologische wonden

Reageren: klik hier