// Blig Peter Quataert. Geen haar op mijn hoofd die daar ooit aan had gedacht.

Het is altijd interessant om nieuwe richtlijnen te ontvangen… Zoals nu ook de nieuwe richtlijn ‘Sinus pilonidalis’ die binnenkort definitief uitkomt. Nieuwsgierig naar de nieuwste ontwikkelingen ging ik er eens goed voor zitten.

Fenolisatie van het fisteltraject blijkt best wel voordelen te hebben; door de minimaal invasieve behandeling ziet men een snellere genezing, minder pijn en een snellere terugkeer op het werk. De kans op een recidief lijkt wel hoger dan na een ruimere excisie.

Bij een niet genezende sinus pilonidalis of een recidief wordt aanbevolen om een ‘zwaailap’ toe te passen. De kans op recidief is klein. Doch de term ‘zwaailap’ laat bij mij toch enkele belletjes rinkelen. Denk hierbij aan patiënten met decubitus cat. 4 die na operatie langdurig op bed liggen en een opbouwschema hebben voor mobilisatie. Natuurlijk is de patiënt met een sinus pilonidalis een stuk vitaler. Doch een vrij grote ingreep.

Roken, obesitas, hygiëne en een zittend beroep zijn risicofactoren die de kans op een sinus pilonidalis of de slechte wondgenezing doen toenemen. Een onderscheid maken met hidradenitis suppurativa is een aandachtspunt.

Echter sprong één conclusie er torenhoog bovenuit. Onderzoek toont aan dat het veelal niet de haren op de billen zijn die de oorzaak zijn van de sinus pilonidalis, eerder de haren van het hoofd. Na een kappersbeurt dalen mooi geknipte korte scherpe haartjes naar beneden en verdwijnen naar de mediale lijn tussen de billen. De zwakke vochtige huid en schuifkrachten zorgen dat de haartjes in de huid kunnen verdwijnen. De beste preventieve maatregel om een sinus pilonidalis te vermijden is dus na kappersbezoek direct te douchen. En dan te denken dat we al jaren streven om het laseren van de bilharen vergoed te krijgen!

Peter Quataert, MSc, WEC ZorgSaam, Terneuzen en bestuurslid WCS Kenniscentrum Wondzorg

Reageren: klik hier